Geëxpandeerd polystyreen (Engelse afkorting: EPS, naar expanded polystyrene) of PS-hardschuim is een karakteristieke en voorheen vrijwel altijd witte kunststof, in de volksmond piepschuim of Airpop genoemd. 

Polystyreen ontstaat door polymerisatie van het monomeer styreen. Styreen wordt op industriële schaal gemaakt uit ethylbenzeen door dehydrogenatie, dat op zijn beurt gemaakt wordt door alkylatie van benzeen met ethyleen. Na de polymerisatie wordt een blaasmiddel (pentaan) toegevoegd en worden dichte korrels gevormd. EPS-verwerkers verhitten de korrels met stoom; de korrels zetten dan uit en worden aan elkaar gesmolten. Na afkoeling resulteert dit in een blok, plaat of vlokken geëxpandeerd hardschuim.

Een kubieke meter EPS bevat ongeveer 10 miljoen bolletjes, ook wel parels genoemd. Elke parel heeft ongeveer 3000 gesloten, met lucht gevulde cellen. Naar volume bestaat EPS slechts voor ongeveer 2% uit polystyreen en voor 98% uit lucht. Het is dan ook zeer licht met een dichtheid van 15 tot 40 kg/m³. Vocht en waterdamp kunnen de isolatiewaarde van EPS aantasten, het komt in de openingen van de cellen.

EPS is een goede warmte-isolator. De warmtedoorgangscoëfficiënt (λ) is, afhankelijk van de dichtheid en het toegepaste materiaal, ongeveer 0,035 W/(m.K). Vroeger waren EPS-isolatieplaten hagelwit, maar tegenwoordig wordt met de toevoeging van grafiet een grijze EPS gemaakt die een hogere isolatiewaarde heeft door reflectie in de cellen, zoals bijvoorbeeld de Kameleon van Unidek.

De aanduiding van de EPS-kwaliteiten was in het verleden gebaseerd op de volumieke massa. Sinds 2000 geldt de Europese geharmoniseerde norm, NEN-EN 13163 en is de aanduiding gebaseerd op de druksterkte bij 10% vervorming (een materiaaleigenschap dus, géén toelaatbare spanning).